Westelijke uitvalsweg - Verslag bijeenkomst van 5 juli 2021

Op maandagavond 5 juli was de informatiebijeenkomst over de haalbaarheidsstudie voor een nieuwe westelijke uitvalsweg.

Avondvoorzitter Laura Neijenhuis (Antea Group) opende de avond met een inleiding waarin ook de spelregels voor de digitale bijeenkomst zijn gedeeld. Osman Sancak van de gemeente Tiel heette iedere deelnemer welkom en gaf toelichting op de avond. Daarna gaf Sander Zondervan, projectleider en MER-specialist van Antea Group, een uitleg over het proces.

Uitleg over de Notitie Reikwijdte en Detailniveau

In de gemeente Tiel zien we steeds meer verkeer en bijkomende problemen ontstaan. Op de N834, Schaarsdijkweg en de A15 staan inwoners vaak in de file. Dit neemt alleen maar toe, ook door nieuwe (woningbouw)ontwikkelingen. Ook missen we een goede regionale verbinding tussen Tiel en Geldermalsen. Een extra weg aan de westkant van Tiel naar de A15 kan de oplossing zijn. Daarom onderzoeken we de haalbaarheid van een nieuwe weg om Passewaaij en Tiel-West vanaf de A15 te ontsluiten.

Door de westelijke uitvalsweg aan te leggen willen we Tiel-West en Passewaaij beter bereikbaar maken, de doorstroming op de Provincialeweg N834 (richting McDonalds) verbeteren en sluipverkeer door het buitengebied van Wadenoijen en Est verminderen. Dat draagt ook bij aan de verkeersveiligheid. Door langs de westelijke uitvalsweg een fietspad aan te leggen kunnen we ook voor fietsers de verbinding tussen Tiel en Geldermalsen verbeteren. Daarbij zoeken we kansen om ook openbaar vervoer, natuur en spoorveiligheid mee te nemen.

Het doel van de haalbaarheidsstudie is om alle (milieu)effecten en de kosten van een westelijke uitvalsweg te onderzoeken, met verschillende alternatieve oplossingen. Deze haalbaarheidsstudie wordt uitgevoerd in de vorm van een milieueffectrapportage (MER). De Notitie Reikwijdte en Detailniveau is hiervoor de eerste stap. Deze notitie ligt nu ter inzage. Iedereen kan er op reageren tot 18 augustus 2021 door een zienswijze in te dienen. Deze termijn is verlengd zodat inwoners van het buitengebied van Est ook de mogelijkheid hebben om hun zienswijzen in te dienen op de NRD. Tijdens de presentatie werd de onderzoeksopzet toegelicht, alsook een inkijkje in het verdere proces en de participatie.

Toelichting op participatie

Voor participatie is het belangrijk om te weten dat er twee sporen zijn om mee te doen in dit proces:

  1. De formele procedure: van zienswijzenprocedure, informatiebijeenkomsten en informeren raad bij zowel de Notitie Reikwijdte en Detailniveau alsook het uiteindelijke Milieueffectrapport. Het MER en de kostenraming worden ter besluitvorming voorgelegd aan de gemeenteraad.
  2. Een informeel proces waarin inwoners en belanghebbenden aanvullende mogelijkheden hebben om mee te denken en mee te doen. Voor de NRD hebben er interviews met ketenpartners plaatsgevonden, zoals de  provincie, buurgemeenten, Rijkswaterstaat en Prorail. Tijdens het mer-proces richten we bovendien een adviestafel in (klankbordgroep) en de wijkprikker (digitale participatietool).

In september 2021 stelt het College van Burgemeester en Wethouders de NRD vast. Daarbij zal ook gekeken worden naar de ontvangen zienswijzen. Daarna start de milieueffectrapportage, waarbij het informele proces start. Bij de adviestafel worden belanghebbende in het gebied nauwer betrokken bij het proces, zij vormen een klankbord in de verschillende stappen van het MER en vormen de verbinding met de omgeving. De wijkprikker (of vergelijkbare tool) wordt ingezet om de bredere samenleving de mogelijkheid te bieden om mee te denken. Dit is een digitale tool, waarmee onder andere op de kaart geprikt kan worden om kansen of aandachtspunten aan te geven.

Doorkijkje naar het vervolg

2021: Start haalbaarheidsstudie met NRD.
2022: Vaststellen MER (haalbaarheidsstudie), waarbij het onderzoeksrapport wordt vastgesteld.
2023: Besluit haalbaarheid en voorkeursvariant, waarbij op basis van het onderzoeksrapport wordt besloten of de westelijke uitvalsweg haalbaar is en welk alternatief de voorkeur heeft. Indien de weg haalbaar blijkt, zal hierbij ook de investeringsbeslissing genomen worden.
Vanaf 2023: Omgevingsplan opstellen en vaststellen. Na 2030: Stip op de horizon: Start aanleg nieuwe weg.

Vragen en antwoorden

Na de presentatie was er gelegenheid om vragen te stellen. Hieronder leest u de vragen en antwoorden daarop.

Alternatieven

Vraag 1: De NRD onderbouwt nauwelijks de uitsluiting van de aansluiting op afrit 30 (Est/Geldermalsen) van het zoekgebied; hierbij het verzoek om dat wel toe te voegen aan de scope van de NRD (tracé alternatieven) en daaropvolgend de MER.
Antwoord: Nu in de NRD is in eerste instantie op hoofdlijnen beoordeeld welke oplossingen kansrijk kunnen zijn en in de haalbaarheidsstudie onderzocht worden. Daarom blijven sommige onderdelen nu nog onderbelicht en in mindere mate uitgediept. In het MER wordt een nadere onderbouwing opgenomen voor de gewenste aansluiting op de A15: Wadenoijen (aansluiting 31) en/of Est/Geldermalsen (aansluiting 30).

Vraag 2: In de NRD wordt de verkeersproblematiek van de Bredestraat en Bommelweg (recent besproken in informatiebijeenkomst) volledig buiten beschouwing gelaten, terwijl de voorgestelde tracé opties hier wel van invloed op zijn. Verzoek dit onderwerp expliciet mee te nemen in de MER.
Antwoord: Het MER zal zeker de effecten van een nieuwe westelijke ontsluiting op deze wegen beschrijven. Denk aan verkeerseffecten, leefmilieu en spoorveiligheid.

Vraag 3: Rijkswaterstaat (RWS) heeft nog geen directe plannen om de A15 aan te passen. Welk effect heeft dit op de mogelijke realisatie van de westelijke uitvalsweg?
Antwoord: Er wordt op dit moment gesproken met meerdere stakeholders, waaronder RWS. Er is op dit moment inderdaad geen plan om de A15 aan te passen. Voor de westelijke ontsluiting houden we rekening met dit uitgangspunt.

Vraag 4: Waarom is de bussluis bij het station niet een oplossing? Daarmee creëer je o.a. een minder knelpunt bij de Berenkuil.
Antwoord: Deze sluis is juist gerealiseerd om het verkeer vanuit Passewaaij niet via Wadenoijen af te wikkelen.

Vraag 5: Een tweede mogelijke locatie voor het uit-/inrijden van de wijk lijkt de locatie tussen Jhr. J.P.  Reuchlinlaan en Weegbree via het Oesterpad. Voordeel van deze locatie is dat deze ook gebruikt kan worden voor het doortrekken van de rondweg Passewaaij. Is deze optie ook onderdeel van dit onderzoek.
Antwoord: De verbinding tussen de Jhr. J.P. Reuchlinlaan en de Weegbree (we noemen dit ook wel het “sluiten” van de rondweg Passewaaij) en de plaats waar de rondweg het beste kan worden aangesloten op de westelijke uitvalsweg is onderdeel van de planvorming voor Passewaaij 9, 10 en 11. Eventuele alternatieven nemen we mee in het haalbaarheidsonderzoek van de westelijke uitvalsweg.

Vraag 6: Voor zover ik het begrijp wordt met deze oplossing enkel de westelijke zijde van Passewaaij ontsloten. Het verkeer dat vanuit de oostelijke kant komt zal voornamelijk nog steeds via de
bestaande route rijden. Of zij zullen via de rotonde met de tol langs het station op de nieuwe route nemen. Je ziet dan wel dat de drukte op deze straat hoger wordt. Waarom wordt het oostelijke deel niet ook gelijk in deze oplossing meegenomen? (rondweg hoeft hierbij niet ‘rond’ gemaakt te worden. Kan met een kruising in Wadenoijen op elkaar aangesloten worden).
Antwoord: Het sluiten van de rondweg is voor de westelijke ontsluiting uitgangspunt.
Het onderzoek betreffende verkeersstromen is niet beperkt tot de nieuwe uitvalsweg en in welke richting de stromen zich bewegen (westelijk/oostelijk). Dit gaat over de wegen in het hele gebied van Tiel, dus ook de Dr. J.M. den Uijllaan en de Jhr. J.P. Reuchlinlaan. Dus dit zal vanuit een groter geheel beschouwd worden.

Vraag 7: Er wordt melding gemaakt van kwaliteit van de leefomgeving. Door bewoners van Wadenoijen is al melding gemaakt van issues rondom verkeersdrukte, de bouw van het fruitpretpark en nu is er een variant die dwars door de Bredestraat en dorp gaat en deels ook door fruitpark. Wie heeft hierbij stil gestaan en waarom kan er niet holistisch gekeken worden.
Antwoord: De alternatieven die er nu liggen zullen altijd ergens ‘pijn doen’. Deze pijnpunten zijn zeer zeker in beeld en worden in het MER verder uitgewerkt en beoordeeld. Ook zal er ingegaan worden op de maatregelen die nodig zijn voor effecten die kunnen ontstaan. Dat betekent dat we kijken welke maatregelen de gevolgen kunnen voorkomen of verminderen. Bij de ontwikkeling van het fruitpark is rekening gehouden met een eventuele aansluiting van westelijke uitvalsweg op de A15 bij afrit 31 (Wadenoijen).

Verduidelijkende vragen

Vraag 8: Rotonde Schaardijkweg/Dr. J.M. den Uijllaan moet een rode smiley zijn. Er zijn al meerdere ongelukken gebeurd met fietsers. Er zal daar alleen maar meer verkeer komen.
Antwoord: De smileys zijn niet gebaseerd op verkeersveiligheid, maar op basis van afwikkeling van het verkeer. De effecten voor de verkeersveiligheid zullen in het MER wel meegenomen worden.

Vraag 9: Waarom is de doorlooptijd zo lang (10 jaar)? En wordt er rekening gehouden met onteigeningsprocedures?
Antwoord: We hebben rekening gehouden met bezwaar- en beroepsprocedures en onteigeningsprocedures. De doorlooptijd van een project als dit kan sterk variëren. Het kan sneller, maar dan is er minder ruimte voor participatie en mogelijke onvoorziene zaken. Daarom de termijn van 10 jaar.

Samenhang

Vraag 10: Het lijkt dat de sluiting van de rondweg Passewaaij nog niet mee is genomen. Wordt dat straks wel verder meegenomen?
Antwoord: Zie antwoord op vraag 5.

Vraag 11: Wordt de sluiting van de rondweg wel voor 2032 gerealiseerd?
Antwoord: De verbinding tussen de Jhr. J.P. Reuchlinlaan en de Weegbree (“sluiten van de rondweg”) wordt onderdeel van de ontwikkeling van Passewaaij 9, 10 en 11. Op dit moment kan nog niet gezegd worden wanneer de rondweg daadwerkelijk gesloten wordt. De ontwikkeling van de wijken wordt leidend voor de sluiting van de rondweg.

Vraag 12: Welke oplossingen worden er bedacht voor de kruisingen van de N834? Bij Culemborg op de kruising van de N320 en N833 zijn ze van verkeerslichten naar een rotonde gegaan en vervolgens weer naar verkeerslichten omdat dit beter was voor de doorstroming.
Antwoord: Dit is onderdeel van de nadere uitwerking in het kader van het MER. Verkeerslichten en rotonden kunnen beide aan de orde zijn. In het MER wordt de meest passende oplossing gezocht.

Vraag 13: Sluit dit haalbaarheidsonderzoek naar de westelijke ontsluiting aan bij de huidige structuurvisie? 
Antwoord: Ja, in de huidige Structuurvisie Tiel 2030 is de westelijke ontsluiting al opgenomen. Daarnaast zal de westelijke uitvalsweg zeker een plek krijgen in de nog te vormen omgevingsvisie.

Participatie en communicatie

Vraag 14: De gemeente vindt het belangrijk om belanghebbenden zorgvuldig bij het plan te betrekken. 1. ik moet helaas constateren dat dit bij het verschijnen van deze notitie direct al mislukt is. Ik ben toevallig abonnee van De Gelderlander en kwam op Facebook toevallig de weg naar deze notitie tegen, anders was ik ongewild niet aanwezig geweest in deze meeting. En dat terwijl bij 1 van de vier mogelijkheden er een uitvallen over mijn huis getekend is. Ik hoef dus mijn aanwezigheid als belanghebbende waarschijnlijk verder niet aan te tonen. 2. De notitie zou vergezeld gaan van een communicatie- en participatieplan. Misschien heb ik iets gemist, maar ik heb deze bijlage niet kunnen vinden. Ik zou graag meer weten over de concrete invulling van dit voornemen van de gemeente. 3. Wanneer kan de weg gerealiseerd zijn?
Ik heb in de notitie van alles kunnen lezen over de consequenties van de verschillende mogelijkheden om en verbetering van de bereikbaarheid van Tiel en Passewaaij te bereiken, maar ik heb niets kunnen vinden over de gevolgen voor aanwonenden, particuliere huizenbezitters en bijvoorbeeld boerenbedrijven. Welke woningen lopen gevaar bij welk plan.? Er is ongetwijfeld over nagedacht en door er niets over mee te delen wordt grote onzekerheid bij betrokkenen gecreëerd. Duidelijkheid is in deze te verkiezen boven onzekerheid.
De gemeente probeert in deze fase via diverse kanalen belanghebbende te bereiken. In deze fase is het, gezien het indicatieve karakter van de getoonde oplossingen, nog niet mogelijk om gericht mensen aan te schrijven.
Antwoord: We weten nu nog niet waar de westelijke uitvalsweg precies komt en wat welke gevolgen dat heeft voor de woningen en bedrijven; dat weten we pas als we de haalbaarheidsstudie hebben afgerond.
De gemeente probeert nu eerst via diverse kanalen alle belanghebbenden te bereiken. Omdat we nog niet concreet weten waar de weg komt te liggen, is het ook nog niet mogelijk om gericht mensen aan te schrijven.
Het communicatieplan is opgesteld om de communicatie en participatie vorm te geven. Tijdens de bijeenkomst zijn de relevante onderdelen toegelicht. Een indicatieve planning is getoond tijdens de bijeenkomst. De voorbereiding duurt jaren. In die periode blijft de gemeente u betrekken.

Vraag 15: Hoe kunnen we op de hoogte blijven?
Antwoord: Op de website van de gemeente Tiel staat een projectpagina waarop alle publicaties en oproepen komen voor de vervolgstappen in dit traject. Daarnaast de gemeentelijke website, sociale media en weekkrant.

Helaas is door een technische fout de chat van de digitale bijeenkomst niet opgeslagen. Daardoor kunnen we dit verslag helaas niet verder aanvullen. Heeft u nog vragen of ideeën open staan? Dien dan een zienswijze in of neem contact op met de gemeente Tiel via Osman Sancak (OSancak@tiel.nl).